2+2=5

Hoe komt het toch dat het gekrakeel rondom het nieuwe kabinet, de zorgpremie en de koopkracht zo intens vermoeiend is?

Misschien ligt het aan mij, ben ik geïnspireerd dan wel onverschillig, gemoedstoestanden die niet samengaan met het aanschouwen van het Haagse gekonkel. Maar wellicht herkent u zich in mijn vermoeidheid, speelt u ook Obama’s grandioze overwinningsspeech keer op keer af, in de ijdele hoop dat Obama per ongeluk toch op een dag de wereld redt, al weet u wel beter.

De voorspelbaarheid van het politieke schouwspel en het gemak waarmee de verschillende actoren hun oude, vertrouwde rol spelen, doen mij – als overtuigd estheet – bijna snakken naar een werkelijkheid zonder theater.

In recordtempo was er een regeerakoord op hoofdlijnen, waar Rutte en Samson elkaars pik bij aftrokken. De Hollander voelde op zijn klompen aan: dit is onnederlands, zo snel, zo zonder gedoetjes om niks, zo ogenschijnlijk daadkrachtig, zo positief, dit moet misgaan.

En ja hoor, de VVD bleek toch weer rechtser en egoïstischer dan gedacht. Goh, wat een eyeopener. Een paar procenten minder koopkracht voor de rijken is onaanvaardbaar – ook al levert de PvdA de helft van zijn partijprogramma in bij shredder Halbe Zijlstra.

De PvdA schoot daarbij meteen weer in haar natuurlijke kramp: de ideologische veren die om stemmen van de SP af te pakken waren opgepind, zullen er om de VVD tegemoet tekomen een voor een weer worden uitgetrokken, net zolang tot iemand weer roept dat de ideologische veren zijn verdwenen en het weer tijd wordt om…

O, wetmatigheid, O voorspelbaarheid, indien gij goden zijt, zijt gij zeer machtig.

De PvdA zal de aanpassingen van de VVD en de oppositie eerst slikken en vervolgens, na flinke kritiek vanuit zijn achterban, wat ongemakkelijk gaan draaien om ten slotte de schuld bij de ander te leggen als het alsnog in tweede instantie misgaat.

Dat brengt mij op de essentie van de Nederlandse politiek: de tweede instantie.

Wouter Bos verliet met enig chagrijn de politiek maar kwam in tweede instantie weer terug om de vrolijke formateur uit te hangen.

Er is een akkoord op hoofdlijnen dat in tweede instantie zijn waarde dreigt te verliezen in details.

Er is een verkiezingsuitslag die een daadkrachtig meerderheidskabinet mogelijk maakt, gebaseerd op een principe van positieve uitruil, elkaar iets gunnen. Maar dan is er – in tweede instantie – nog de Senaat die niemand iets gunt en al helemaal de kiezer niet.

Ook daar word ik simpel van: de voorspelbaarheid van de Senaat. Telkens als de Tweede Kamer, onze direct gekozen volksvertegenwoordiging, het eindelijk eens is geworden, komt er een stelletje seniele azijnzuurzeikers dat de boel saboteert.

Een jaar geleden had de Tweede Kamer een prachtige initiatiefwet aangenomen van de Partij van de Dieren om de rituele slacht terug te brengen tot haar bron: de heilige schrift, de fictie. In tweede instantie verwatert de Senaat deze wet dusdanig zodat er een slap compromis overblijft waar de dieren weinig mee zijn opgeschoten.

Ik zou zeggen: de ene avond drink je wijn en de andere avond drink je thee of slobber je tomatensap. Maar de gifmengers van de Senaat lazeren alles door elkaar. Resultaat: voor niemand niet te drinken niet.

En wat dacht u van de voorspelbaarheid van de politici die maar blijven laveren tussen kiezer, achterban en coalitiepartners? Nooit eens een Rutte die zegt dat zijn eigen VVD achterban gewoon traditioneel zijn bek had moeten dichthouden. Altijd glimlachen, altijd behagen, gewoon zeggen dat er ‘even niet goed werd gecommuniceerd’. Nooit eens een Samson die zegt: natuurlijk, eigen arbeiders eerst, maar durf mij dat eens kwalijk te nemen. Nee, nee, altijd principieel, rustig en overwogen de waarheid in pacht hebben en haar tegelijkertijd verhullen.

Ook de partijprominenten ‘roeren zich’ en spelen hun oude vertrouwde rol van de beste stuurlui die aan wal staan. Hans Wiegel (VVD) vond het kabinet nivellerender dan Den Uyl; alsof iedereen dan meteen weet wat je bedoelt. Jan Pronk (PvdA) had het gisteren over machogedrag. Hij verweet de formateurs dat ze ordinair hadden zitten kaarten terwijl ze als intellectuelen hadden moeten schaken, elke zet langdurig overdenken, alle mogelijke gevolgen ervan in kaart brengen.

Dan het wisselen van de wacht op de ministersposten. Ook daar is 2+2 altijd 4. Eerst hadden we Uri Rosenthal op Buitenlandse Zaken, een rechtse minister met een Joodse achtergrond die handel boven mensenrechten en diplomatie verkoos; de enige VVD-minister die van Rutte niet op zijn post mocht blijven zitten. Dat was natuurlijk een handreiking aan de PvdA die Buitenlandse Zaken traditioneel verengt tot eenzijdige kritiek op Israël en sentimentele retoriek over  ontwikkelingssamenwerking.

Gisteren op dag één van zijn ministerscarrière gebeurde het overmijdelijke: de heer Timmermans spuide meteen zijn gal over 1285 nieuwe woningen die Israël wil gaan bouwen in betwist gebied. Niet een beredeneerde visie op Het Conflict, een open, nieuwe, frisse blik, maar je meteen ingraven achter de bekende, vertrouwde stelling.

De media spelen het liefste alle partijen tegen elkaar uit om het vermoeidende spektakel nog vermoeiender te maken.

De consument verliest na al dit gedoe weer eens zijn vertrouwen, aldus de Volkskrant.  

De Algemene Rekenkamer, het Nibud en het CPB krijgen nu, omdat de politiek in gebreke blijft, de opdracht zich suf te rekenen op koopkrachtplaatjes. Uiteindelijk komen deze cijferwonders waarschijnlijk met een uitslag die zo breed geïnterpreteerd kan worden dat elke partij zijn eigen visie er op kan projecteren.

Dan zijn we een stap verder maar staan we nog steeds op dezelfde plek.

En de columnisten, de tegenschrijvers? Die hebben weliswaar iets zinnigs te melden, maar geen politicus die eens een columnist zou citeren in de Tweede Kamer. Ik zie het nog niet echt voor me: de SGP die een Kamerdebat aanvraagt omdat Arnon Grunberg heeft geschreven dat de koopkracht de enige nog levende god is in Nederland.

De voorspelbaarheid en het sleetse rollenspel der Nederlandse politiek is niet alleen hoogst vermoeiend maar stemt daarnaast diep treurig.

Eenmaal daar, met mijn naakte billen op de naakte aarde, bevrijd ik mijzelf.

Hardop citeer ik Dostojewski,

zing ik Radiohead.

2+2=5

Hail to the thief!

 

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *